De Karper.

 

 

 

 

Nog weinig gezien tijdens de midzomeravondduiken bij Aqua Libre:

 

Karper (Cyprinus carpio)

 



De karper zie je nog niet vaak tijdens de midzomeravondduiken, Het is een schuwe vis, maar in de IJzeren vrouw, midden in de Graafse wijk in Den Bosch hebben we een paar drietal grote exemplaren mogen bewonderen.

Ze zaten niet diep maar op ongeveer 1 meter met hun kop in de begroeiing.

Ook in Zaltbommel (Tijningen plas) heb je de kans om een Karper tegen te komen tijdens het duiken.

 

De karper is een beenvis uit de orde van karperachtigen.

De vis kan tot 110 cm lang worden. De karper is herkenbaar aan zijn 4 baarddraden, twee korte op de bovenlip, twee lange in de mondhoeken en de lange rugvin met zeer sterke eerste vinstralen.
Er bestaan diverse vormen van de karper: de wilde of boerenkarper ; de schubkarper ;de edel- of spiegelkarper;de rijenkarper;de leder- of naaktkarper;de volschub spiegelkarper en de goudkarper.


De verschillen worden met name bepaald door het schubbenpatroon; de schub- en wilde karper zijn normaal beschubd, de spiegelkarper heeft enkele abnormaal gevormde grote schubben, de rijenkarper een rij van zulke schubben horizontaal over de flank

De lederkarper heeft slechts enkele schubben (daar waar geen schubben zitten voelt de huid "leerachtig" aan) en de volschub spiegelkarper heeft de schubben van een spiegelkarper en is daarmee bijna volledig bedekt.


In Nederland komt in de Zaanstreek en de kop van Noord-Holland een wilde karpersoort, de boerenkarper voor gekenmerkt door een torpedovormig lichaam (geen knik tussen kop en rug) een eindstandige bek en bleke vinnen.

Fysiologisch wijken wilde karpers sterk af doordat het visvlees over het hele lichaam roodgekleurd is.
Ook komt in veel gebieden (Zeeland, Flevopolder en Haarlemmermeer veel verwilderde karper voor met een wat meer afgeplat lijf, een knik achter de kop en rode vinnen.

Deze karpers planten zich ook al generaties lang gewoon voort en zijn verwilderde nakomelingen van gekweekte karpers met een opmerkelijk uniform uiterlijk.


De naam schubkarper wordt gereserveerd voor gekweekte exemplaren, die veelal nog hoger en breder gebouwd zijn. Gekweekte karpers hebben voor 80% wit vlees.

Indertijd zijn door de OVB ook veel schubkarpers uitgezet met 25% wild bloed.

Op het ogenblik komen de uitgezette karpers uit allerlei oostbloklanden, zodat de herkomst niet meer duidelijk is.

Er bestaan allerlei gekweekte karperrassen met elk hun eigen typische lichaamsvoorm.


De grootste karper tot nu toe gevangen weegt 40,4kg en is gevangen op Luke Moffat's lake in Dijon. Een vis van meer dan 35 kilo is extreem zeldzaam, wereldwijd zijn slechts enkele exemplaren van boven de 35 kg bekend.

Het Nederlands record is een uitzonderlijk grote karper bij Nieuwkoop, die diverse malen is gevangen en tot ruim boven de dertig kilo is uitgegroeid.